Stefan Zweig – Ungeduld des Herzens

Van dit boek bestaan verschillende Nederlandse vertalingen waaronder naar ik meen een redelijk recente. De verzie die ik een aantal jaar geleden las, ‘Edith’, was een soort verkorte uitgave; dat scheelt toch ruim 150 pagina’s. De versie die ik nu heb gelezen is in 1943 in Stockholm uitgegeven door Bermann – Fischer-Verlag. Bijzonder. De eerste uitgave: Bermann-Fischer, Stockholm / Allert de Lange, Amsterdam, 1939, 443 S.

Wat dus niet duidelijk werd in die Nederlandse vertaling is dat het eigenlijk een halve raamvertelling is. Het begint met het raam, maar eindigt met de vertelling. Dat is dan wel een beetje vreemd.
In de vertelling vertelt de hoofdpersoon aan de ik-persoon van het raam een verhaal over een bijzondere periode van zijn leven toen hij als vijfentwintigjarige luitenant vlak voor de eerste wereldoorlog in een stadje in Oostenrijk-Hongarije woonde.
Na een uitnodiging komt hij geregeld op het kasteel van Kekesvalva. Daar wonen een oude steenrijke vader, een deels verlamde dochter en een nichtje. De ik-persoon raakt uit medelijden en geen nee kunnen zeggen steeds meer betrokken bij het kasteel en haar bewoners. Er is een druk om dagelijks te komen waar niet onderuit te komen valt. Het verlamde meisje heet Esther en is heel gevoelig, een beetje borderline en het Ungeduld heeft deels betrekking op haar verlangen naar genezing. Het Ungeduld van de vader mag er trouwens ook wezen.
Verderop ontmoeten we Condor, de arts uit Wenen die Esther behandelt en de ik-persoon bijpraat over het verleden van de vader wat een verhaal op zich is.
De ik-persoon is een zwakke stemmingsgevoelige beïnvloedbare figuur die door deze dokter nog wat in het gareel wordt gehouden. Door verschrikkelijke draaikonterij werkt de ik-figuur zich dusdanig in de nesten – ondertussen verloofd met Esther – dat hij zelfmoord wil plegen. De commandant weet dit om te draaien in een acute overplaatsing. Het gevolg is dat hij na zijn reis verneemt dat Esther van de toren van het kasteel gesprongen is waar ze al mee had gedreigd.
Het is een prachtige psychologische roman die zich in een rustig tempo zorgvuldig ontrolt en eindigt met de zin: ‘Aber zeit jener Stunde weiss ich neuerlings: keine Schuld ist vergessen, solange noch dat Gewissen um sie weiss.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s