Romeinen; open eindjes en afronding

Het Romeinensemester zit er zo’n beetje op en heeft me meer gebracht dan gedacht. Via Fik Meijer en Lane Fox heb ik vanuit onze tijd een beeld gekregen van de Republiek en de Keizertijd. Vervolgens las ik in vertaling filosofen (cicero, Seneca en Marcus Aurelius), historici (Livius,Sallustius, Tacitus en Suetonius), poëten (Vergilius, Horatius, Ovidius) en overigen (Plinius en Quintilianus). Dat was een heus avontuur; een duik in een wereld die ik alleen maar van grote afstand en heel vaag kende. Daar is natuurlijk niet heel veel verandering in gekomen, maar toch wel wat.
De historici vielen soms niet mee hoewel ze ook wel heel informatief en onderhoudend konden zijn.
Bij Seneca en Marcus Aurelius vallen heel verstandige dingen te vernemen. De dichters vond ik vaak heel mooi, verrassend en grappig. Dat geldt met name voor Ovidius en Horatius.

Er resten nog wat open eindjes; boeken waar ik de afgelopen periode tegenaan ben gelopen en waar ik me nu geen tijd meer voor zal gunnen:

Levenskunst van Epictetus, een uitgave uit 1932
Rubicon; het einde van de Romeinse Republiek door Tom Holland, vertaald door Boukje Verheij en in 2008 uitgegeven door Atheneum – Polak & Van Gennep te Amsterdam. Ik heb er wel al een stuk van gelezen; het belooft heel wat…
Ovidius – Tristia boek III; Vertaald en toegelicht door Wiebe Hogendoorn (A-P&VG; Amsterdam 1995).
Lives of the later Caecars; een Penguin Classic uit 1976, een collectie van Keizerlevens uit tweede eeuw tot Heliogabalus.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s