Esther Gerritse – Broer

Dat is nou het fijne van die boekenweekgeschenken. Je kunt kennismaken met een schrijver waar je nog niets van had gelezen (én een zondag gratis sporen, wat ik dit jaar voor het eerst deed zonder overigens het boekenweekgeschenk te lezen). Ik had dus nog nooit iets van Esther Gerritse gelezen en had haar in mijn brein in de hoek van Esther Verhoef opgeborgen, iets waarin ik niet de enige was. Dat is dus volstrekt onterecht. Ik vond dit een puik boekje.

Het gaat over Olivia, haar gezin én haar broer die altijd wat apart was terwijl zij het leven op de rails heeft. Slimme man, goede baan, mooi appartement en leuke tienerjongens. Haar broer, die de diabetes altijd wat liet versloffen, belt dan dat z’n been waarschijnlijk eraf moet. Aan het begin is zij de moderne intelligente ambitieuze vrouw die de zaken in de hand heeft.  Haar broer, altijd al het kneusje komt na de operatie tijdelijk in huis. Het draait erop uit dat niet hij maar zij het kneusje is.

Dat bereikt Gerritse door middel van een compacte stijl. Elke alinea geeft een wending. regelmatig gaan de ontwikkelingen per zin, soms kantelt een beeld in een bijzin. Op die manier heb je aan het bestek van een boekenweekgeschenk, zo’n 90 pagina’s,  meer dan genoeg. Ik vind dit een zeer geslaagd cadeau van de CPNB. Hulde.

 

 

Advertenties

Dimitri Verhulst – De zomer hou je ook niet tegen

Het boekenweekgeschenk van 2015 waarvan de titel slaat op een heftige liefdesrelatie tussen een man van zevenenveertig en een twaalf jaar jongere mooie vrouw. Zoiets hou je niet tegen, net als de zomer dus.

Het begint er mee dat Pierre, de hoofdpersoon de zoon van zijn geliefde van weleer uit een tehuis haalt. De jongen kan niet praten en is in sterke mate beperkt. Ze rijden naar Frankrijk en al rijdend houdt Pierre hele verhandelingen tegen de jongen van zo’n zestien jaar oud die hij meestal Chopin noemt. Hij vertelt de geschiedenis van zijn liefdesrelatie met de moeder van Chopin en ook hoe het afliep rond haar kinderwens. En hoe ze niet lang daarna is gestorven. Ondertussen vraag je je als lezer af hoe het nu met Chopin zal gaan. Stort hij ‘m ergens in de buurt van Avignon van een rots? Het lijkt erop dat hij hem na deze sentimental tour gewoon weer zal afleveren bij het tehuis. In wezen blijft dat op een aangename manier open net als de vraag of Pierre zelf de vader van Chopin is.

Eigenlijk doet de plot er wat mij betreft niet zo erg toe. Wat dit boek fijn maakt voor mij is de taal.  Die zit vol hyperbolen, vlaamsigheden en treffende vergelijkingen; het is heel levendig geschreven en dat is nog steeds alleen naar mijn smaak een goede reden en de belangrijkste om het boekje te lezen.

Kees van Kooten – De verrekijker

Het is me wat met die boekenweekgeschenken. De laatste jaren wordt er enthousiast bekend gemaakt hoeveel er wel niet uitgedeeld zijn. Dat zal rond de 800.000 exemplaren zijn en dat is een hele berg. Wat er niet bij wordt vermeld is hoeveel mensen het boekje lezen. Dat kan natuurlijk ook niet want dat is niet bekend. Wat we wel zouden kunnen onderzoeken is hoeveel exemplaren er in de meer dan honderd Kringloopcentra die Nederland rijk is worden ingeleverd. In Amersfoort zijn de eerste ‘Verrekijkers’ al gesignaleerd en dat zal van een klein stroompje doorgroeien tot een vloedgolf. Een klein deel daarvan verlaat na betaling van € 0,25 het pand weer en een groter deel gaat naar Westra, de papierboer uit Soest. Wat moeten we hiervan vinden? Afschaffen die traditie? Uitdelen bij een hoger bedrag zodat er minder in omloop komen? Uitdelen bij een lager bedrag? Ik weet het niet zo goed, maar krijg de laatste jaren toch wel lol in dit boekenweekgeschenkgebeuren.

Het boekje van Kees van Kooten vond ik heel onderhoudend. Het is bespiegelend over de veranderde tijd en tegelijk is er een mysterie op te lossen over een verrekijker die zijn vader had gevorderd aan het begin van de oorlog. De stijl is soms melig, zeer toegankelijk en regelmatig gezellig oubollig. Het is naar mijn smaak geen briljant boek maar wel een aangenaam en origineel werkje.

De Kraai – Kader Abdolah

Het boekenweekgeschenk van dit jaar heeft geen bijzonder goede recensies opgeleverd en dat maakt het wel lastig om zo’n boekje onbevangen te lezen. Het gaat over een ik-persoon, makelaar in koffie en wonend op de Lauriergracht no. 37. Ik vond dat wel een geestig begin van het boekje waarin aan de ene kant verteld wordt hoe hij hier is gekomen vanuit Iran en aan de andere kant kom je iets te weten over zijn dagelijks leven als immigrant. Regelmatig komen er flarden van Nederlandse Klassieken voorbij en af en toe is er die kraai die betekenisvol aanwezig is. Het geschenk bestaan uit korte hoofdstukken en met zijn geconcentreerde stijl laat Abdolah toch heel wat passeren wat te denken geeft. Het is een wat plotloos boekje, maar wel heel prettig om te lezen naar mijn smaak. Al met al vind ik het wat overdreven om heel negatief te zijn over dit boekje. Ik hoorde op de radio van mensen die het op basis van wat erover is geschreven en gezegd niet wilden aannemen als boekenweekgeschenk. Wat een belachelijke houding.

De Nacht der Girondijnen – Jacob Presser

Nu had ik van Presser al wel het eerste deel van ‘Ondergang’ gelezen; zijn studie over de vervolging van de joden tijdens WOII;  een boek uit 1965 waarvan wel gezegd is dat hij er voor een historisch werk veel te veel met zijn ziel en zaligheid inzat. Nu heb ik zijn boekenweekgeschenk uit 1957 gelezen. Het is net als ‘Ondergang’ een aangrijpend boekje. Het gaat over een leraar – een seculiere jood –  aan het gymnasium te Amsterdam die via een leerling een baantje krijgt in Westerbork. Hij komt te werken in dienst van de Kampleiding en is zo betrokken bij het klaarmaken van transporten naar Auswitz en Sobibor. Hij leert een gelovige jood kennen die hem wel aan het denken zet. Als deze man met vrouw en kinderen op transport moeten valt de hoofdpersoon zijn superieur aan en wordt hij in een aparte barak gevangen gezet waar hij gaat beschrijven wat er allemaal is gebeurd, de inhoud van dit verhaal. Dat eindigt de avond voor hij zelf op reis zal gaan richting Sobibor.


Joost Zwagerman – Duel

Het boekenweekgeschenk van 2010. Een verhaal over de museumwereld; eigenlijk over het Stedelijk van tijdens de verbouwing. Het gaat over kunst. Hoort dat in een museum thuis? Of kan kunst onbekommerd dichterbij gewone mensen zijn. De hoofdpersoon raakt onbedoeld en ongewild betrokken bij een project waarbij een schilderij van Rothko op reis gaat door Europa en een kopie in Amsterdam blijkt te zijn gebleven. Hij gaat het als het ware rechtzetten zonder aangifte te doen en zonder er ruchtbaarheid aan te geven. Dat lukt, het schilderij raakt beschadigd maar het komt min of meer in orde…
Het boek zet wel aan het denken over kunst en leest prettig. Er zitten originele woordspelingen in maar aan de andere kant vond ik de stijl nou ook weer niet heel bijzonder.

A.F.T van der Heijden – Weerborstels

Eigenlijk belachelijk; deze man heeft zoveel dikke pillen geschreven en ik lees zo ongeveer het dunste boekje dat hij gemaakt heeft, het boekenweekgeschenk van 1992.
Vanuit een geletterde ik-persoon – hij studeert nb filosofie – wordt het leven van een neefje beschreven. Robby komt uit een soort van a-sociaal Eindhovens gezin. Zijn vader is van een grof soort en Robby treedt in zijn voetspoor. We zien een aantal episodes. Robby als schreeuwend en stoer pratend mannetje van vijf, Robby als wielrijder, net als zijn vader. Robby als motorgek en tevens betrokken bij dubieuze praktijken. Ten slotte robby in het ziekenhuis na een spectaculair ongeval met de motorfiets en dan het einde: Robby die zich heeft doodgereden met een vriend nadat ze achtervolgd waren door de politie.

De stijl van AFTH (zoals hij toen nog niet werd genoemd overigens) is heel voortvarend, maar soms, bij bespiegelingen die het boek diepte geven waaiert die stijl uit in zinnen die dan nog eens gelezen moeten worden.